Gedurende de schoolloopbaan worden leerlingen getoetst. Voordat leerlingen op het Dr. Knippenbergcollege hun diploma in ontvangst nemen, hebben zij vele overhoringen en toetsen afgelegd. Een overhoring is toetsing die aantoonbaar minder stof en voorbereidingstijd vraagt. Met een toets bedoelen we toetsing van een grotere hoeveelheid stof die meer voorbereidingstijd vraagt.
Op basis van de resultaten van deze overhoringen en toetsen worden allerlei beslissingen genomen, beslissingen die van invloed zijn op de voortgang van het leerproces.
Bijvoorbeeld:
- Ben ik bevorderd met deze resultaten?
- Is aanvullende begeleiding gewenst?
Een goed toetsproces is belangrijk, dit proces hoort recht te doen aan het niveau van de leerling. Een toetsproces start met het lesprogramma waarin kennis en vaardigheden worden aangeleerd en eindigt met de bespreking van de toets.
Op het Dr.-Knippenbergcollege werken we vanuit een positieve benadering van toetsing. Dat wil zeggen dat naast het gemeten resultaat vooral het proces (voorbereiding, wijze van leren en zelfreflectie) van de toetsing centraal staat. In dit proces spelen leerlingen, docenten en ouder(s), verzorger(s) een rol.
Het Dr.-Knippenbergcollege gaat uit van onderstaande verwachtingen en afspraken.
Wat mag je als leerling (ouder(s), verzorger(s)) verwachten?
- Je wordt tijdig (uiterlijk vijf schooldagen voor de toets) geïnformeerd over inhoud van de toets en toetsvorm.
- Ter voorbereiding op de toets word je een vraagmoment of diagnostisch moment (dit kan zowel schriftelijk als mondeling) aangeboden.
- Tijdens het maken van de toets krijg je de afgesproken tijd en wordt door de docent gezorgd voor rust.
- Je toets gaat in principe altijd door, ook al is de docent die dag afwezig.
- Je toets wordt tijdig nagekeken en het cijfer is ingevoerd in Magister. (in principe binnen 10 werkdagen voor een overhoring of toets en 15 werkdagen voor een opdracht of werkstuk)
- Je hebt duidelijkheid over de weging van de toets. (In de onderbouw telt een toets 3x en een overhoring 1x. Voor de bovenbouw geldt het Programma voor Toetsing en Afsluiting(PTA))
- Je toets wordt tijdens de les inhoudelijk nabesproken. Hierbij krijg je inzage in de opgaven en eigen antwoorden. Indien nodig wordt extra begeleiding aangeboden en kun je hier ook om vragen. Je ouder(s), verzorger(s) worden geinformeerd over deze begeleiding.
- Er is sprake van een evenwichtige verdeling van toetsen over de week en periode. In de onderbouw wordt gewerkt met een toetsrooster. In de bovenbouw zijn de meeste toetsen geconcentreerd in toetsweken volgens een toetsrooster. In leerjaar 3 van de HAVO en het VWO wisselen we na periode 2 naar toetsweken.
- Een periodecijfer in de onderbouw is opgebouwd uit minimaal twee cijfers (uitzondering kunnen de 1 uurs vakken en activiteitenvakken zijn). Voor de bovenbouw geldt het Programma voor Toetsing en Afsluiting (PTA).
- Je wordt beoordeeld met cijfers van 1,0 t/m 10,0.
- Gemiste toetsen en overhoringen kunnen met 1,0 beoordeeld worden zolang je niet hebt ingehaald. Voor de bovenbouw geldt de herkansingsregeling. (zie examenreglement)
- Als je werkstukken en opdrachten niet tijdig inlevert kan dit beoordeeld worden met het cijfer 1,0.
- Bij fraude word je bestraft met het cijfer 1,0.
- Als je een begeleidingsvraag (bijv. dyslexie) hebt, dan wordt het toetsproces aangepast volgens je begeleidingsplan.
- Voor vragen en bezwaren met betrekking tot toetsing kun je je eerst wenden tot de docent en vervolgens tot de afdelingsleider.
Wat verwachten wij van jou als leerling?
- Dat je je voorbereidt op de les door de stof regelmatig te bestuderen en door het maken van huiswerk.
- Dat je actief deelneemt aan de les.
- Dat je de nabespreking ziet als een belangrijk leermoment en niet als een onderhandeling over cijfers. Dat kun je bijvoorbeeld doen door de onderstaande vragen voor jezelf te beantwoorden en daarover het gesprek aan te gaan met de vakdocent of je mentor:
a. Had je dit cijfer verwacht? Waarom wel of niet?
b. Welke vragen gingen goed en welke minder goed? Waar lag dat aan volgens jou?
c. Wat zou je de volgende keer anders willen doen?
d. Waar wil je uitleg over?
e. Welke hulp heb je nodig?
f. Wat eist dat van jou?
- Dat je werkstukken en opdrachten tijdig inlevert.
- Dat je beschikt over een kopie van het ingeleverde werkstuk of een bewijs van ontvangst.
- Jij bent zelf verantwoordelijk voor het inhalen van een toets of overhoring. Je regelt dit meteen in de eerstvolgende les met de docent.
- Dat jij (of je ouder(s), verozrger(s)) een bezwaar tijdig meldt bij de afdelingsleider. Je let daarbij op de volgende termijn:
o Je maakt per direct melding, als het gaat om de toetsafname of toetsvoorbereiding.
o Je meldt je binnen vijf schooldagen, als het betrekking heeft op de beoordeling.
- De afdelingsleider neemt daarop contact op met de vakdocent en doet binnen vijf dagen uitspraak.